Auteursarchief: Marnix Brockmeier

Voetgangersbeleid en het nieuwe normaal

Voor Onbeperkt Oost is de inrichting van de openbare ruimte en met name de ruimte voor voetgangers, al of niet met een beperking, van groot belang. Onlangs zagen twee plannen waarin de gemeente Amsterdam een visie geeft op het voetgangersbeleid, het licht: Terrassenplan Knowledge Mile Park en het beleidskader Ruimte voor de Voetganger. Met het nieuwe normaal komt overigens dit beleid op losse schroeven te staan.

Geschreven door Frits Wegenwijs
Het Terrassenplan beoogt het wat stenige tracé tussen Mr. Visserplein en Amstelplein te vergroenen. Dit door de terrassen van de horecagelegenheden langs de route de ruimte te geven en deze terrassen aan te vullen met groen tussen de gevel en de terrassen. Dit gaat echter ten koste van de vrije loopruimte. Zoals bekend heeft de Wibautstraat aangenaam brede stoepen maar deze zullen worden versmald tot twee meter.

Stoepranden

Het beleidskader geeft een overzicht met welke maatvoering de ontwerpers van voetgangersgebieden rekening moeten houden. Daarbij is leidend de effectieve loopruimte die smaller is dan de vrije doorloopruimte omdat iedereen gevoelsmatig wat afstand neemt ten opzichte van de randen van de stoep (zie illustratie A). Daarnaast is een classificatie bedacht naar het aantal voetgangers dat de loopruimte per minuut gebruikt (zie illustratie B). Merkwaardig genoeg wordt deze indeling niet gebaseerd op de effectieve loopruimte met als argument dat de doorloopruimte beter meetbaar is (sic).

Door de onregelmatige gevellijnen zijn in de Wibautstraat blindegeleidelijnen (lijnen met lange ribbels) aangelegd die de visueel gehandicapten probleemloos naar het OV, zebrapaden en winkelgebieden leiden. Gebruikers van rolstoelen, rollators en scootmobielen kunnen nu moeiteloos navigeren in dit gebied. Op vele momenten lopen er met name veel studenten van en naar een onderwijsinstelling.

Idee fixe

Volgens het plan mag vanuit de gevel een groenvoorziening van drie meter breed worden aangelegd. De terrassen houden dezelfde oppervlakte. We zijn erg bang dat de overblijvende twee meter een idee fixe zal blijken te zijn door neergezette fietsen en reclameborden. En wat gaat er gebeuren met de blindegeleidelijnen? Worden dat meanderende routes? Aan weerszijden van de belijning dient een obstakelvrije looproute van 60 cm te zijn. Dit is dus sowieso al een looproute van 1.50 meter (lijn=30cm). Mensen die voor hun mobiliteit gebruik maken van een scootmobiel of rolstoel zullen moeten gaan uitwijken naar het fietspad. Vergeet niet dat brommers en scooters bij de Wibautstraat niet over de weg mogen rijden, maar gebruik moeten maken van de fietspaden. Minimaal twee meter voetgangersruimte is dus volstrekt onvoldoende om de grote voetgangersstromen en mensen met een beperking te bedienen.

Ook in het beleidskader wordt bij de zonering van de vrije loopruimte geen rekening gehouden met de ruimte voor blindegeleidelijnen. Het gebruik van muren als gidslijnen voor taststokgebruikers wordt niet onderkend. Bij de classificatie gaat men alleen maar uit van de breedtematen. De loopruimte kan ook nog worden aangetast door objecten die in de hoogte de effectieve loopruimte bepalen. Denk daarbij aan gevelreclame, luifels en geveltuinen. Vooral blinden en slechtzienden zijn nogal bevreesd voor zaken waar ze met hun hoofd tegenaan kunnen lopen. Om te keren, heb je met een scootmobiel ruimte nodig en dat is 2.10 meter bij 2.10 meter. Daar wordt in de modellen ook geen rekening gehouden.

Old school

Beide beleidsstukken zijn eigenlijk old school en kunnen direct de prullenmand in. Het nieuwe normaal schrijft voor dat we elkaar op minstens 1,5 meter moeten passeren. Is er sprake van een geleidelijn betekent dit een minimale breedte van ruim 3 meter of meer, laat staan als er sprake is van drukke straten zoals de Wibautstraat. Beide plannen zullen opnieuw naar de tekentafel moeten. Maar dat is natuurlijk alleen maar gunstig voor het Terrassenplan!

Tunny Jongejan, een vrouw die strijdt tegen onredelijkheid

Kun je je even voorstellen?

Tunny Jongejan is sinds 2008 lid van Werkgroep Toegankelijk bij Gehandicapten Belangenorganisatie Oud-Oost Watergraafsmeer (GBOW). Vanaf 2011 fuseerde GBOW met Zeeburg Inclusief (ZIN) en werd het Onbeperkt Oost. Daarnaast is Tunny (Voormalig voorzitter, nu adviseur) van de Ouderen Adviesraad Oost. Haar vader was gehandicapt, hierdoor voelt ze zich ook betrokken bij deze belangenorganisatie. Tunny is opgeleid tot onderwijzeres aan de Rijks-Kweekschool (nu Pedagogische Academie) in Groningen. Op latere leeftijd heeft Tunny nog onderwijskunde gestudeerd aan de UvA.

Hoe ben je in aanraking gekomen met Onbeperkt Oost?

Tunny was lid van de Ouderen Adviesraad Oost. De raad was betrokken bij GBOW en hierdoor werd ze ook vrijwilliger bij GBOW. Toen GBOW later fuseerde met ZIN is ze gebleven.

Hoe word je ’s morgens wakker?

Tunny word heel vroeg wakker. Dit komt omdat Tunny vroeger, toen ze nog studeerde, heel vroeg aan de studie begon. Tunny stuurt soms al om vijf uur ’s ochtends een mailtje.

Wat geeft je energie?

Tunny neemt graag dingen waar die niet goed gaan en daarbij wil ze helpen om het te verbeteren. Ook uit boosheid. Het duurt allemaal zolang voor dat het beter wordt.

Waar kunnen ze je ’s nachts voor wakker maken?

Een lekker glaasje witte wijn.

Wat maakt je dag geslaagd?

Als Tunny een goed gesprek gehad heeft met iemand. Ze is bezig met de inhoud. Als de werkgroep een leuk plan heeft ingediend voelt zij zich goed.

Wat maakt jouw dag minder geslaagd?

Heel lang wachten op antwoord. Daarnaast ook onredelijk gemeentelijk beleid.

Wat moet morgen veranderen?

Toegankelijkheid. Nog meer moet het op de kaart gezet worden en mensen moeten daar nog meer bewuster van worden. Ze hoorde een discussie over discriminatie op de arbeidsmarkt. Ze komen altijd met de zelfde excuses. Er verandert alleen niet veel.

Vrijwilligerswerk stroomt door zijn bloed

Kun je je even voorstellen?

Mijn naam is Frits Wegenwijs. Ik ben geboren en getogen in Eindhoven. Mijn ouders hadden er een drogisterij. Ik heb bouwkunde gestuurd in mijn geboortestad. Na mijn studie ben ik voor mijn werk naar Den Haag verhuisd. Bij de Rijksplanologische Dienst hield ik mij bezig met het energiebeleid: kiezen we voor kernenergie of grootschalige inzet van kolen? Daarna ben ik gaan werken voor Dienst Ruimtelijke Ordening bij de gemeente Amsterdam. Hier heb ik 25 jaar tot mijn pensioen actief geweest als planoloog. Nu doe ik veel vrijwilligerswerk zoals taalcoach voor Samenspraak Oost waarbij ik met expats Nederlands praat. Ze worden in Amsterdam helaas vaak in het Engels toegesproken. Mijn grote hobby is hardlopen. Als vrijwilliger heb ik de ledenadministratie van mijn atletiekvereniging AV’23 gedaan.

Hoe ben je in aanraking gekomen met Onbeperkt Oost?

Tijdens het hardlopen kom ik veel obstakels tegen. Ik zou een zwartboek kunnen schrijven over de problemen die slechtzienden en mensen met een andere fysieke beperking tegen komen. Toen kwam ik Els twee jaar geleden tegen bij een presentatie van Onbeperkt Oost in Café Genieten. Van het één kwam het ander en ik werd lid van de werkgroep Toegankelijkheid van Onbeperkt Oost.

Hoe wordt je ’s morgens wakker?

Sinds ik met pensioen ben ga ik later naar bed, maar ik heb mijn 8 uur slaap wel nodig dus ben ik ook later op. In de ochtend begin ik met oefeningen. Dat is erg goed voor het hardlopen.

Wat geeft je energie?

Hardlopen, zoals trainen voor wedstrijden.

Waar kunnen ze je ’s nachts voor wakker maken?

Nergens voor, ik wil eigenlijk gewoon doorslapen. Laatst waren er bij mij in de Oosterparkbuurt bij twee coffeeshops bommen ontploft. Ik sliep daar gewoon doorheen.

Wat maakt je dag geslaagd?

Als ik iets heb afgerond. Verslagen voor de werkgroep bijvoorbeeld of adviezen voor de Centrale Verkeerscommissie.

Wat maakt jouw dag minder geslaagd?

Ik wil eigenlijk elke dag hardlopen, maar als het slecht weer is kan of liever gezegd wil ik niet lopen en is de dag minder geslaagd. Ook kan ik mij ontzettend ergeren aan als een pakketje na de beloofde tijd thuis wordt bezorgd.

Wat moet morgen veranderen?

Er moet meer handhaving worden ingezet als bijvoorbeeld fietsen op blindengeleidelijnen staan. Verder is het belangrijk dat toegankelijkheid voor slechtzienden en mensen met een beperking meer bekendheid krijgt. Ook moeten mensen meer bewust worden gemaakt wat de gevolgen kunnen zijn van hun gedrag.

Wie is de volgende die we moeten interviewen?

Ik heb Tunny Jongejan al gevraagd of zij geïnterviewd wil worden en dat vond ze goed. Wat zal Tunny op deze vragen antwoorden?

Tropenmuseum kan nog toegankelijker

Hoe toegankelijk is ons deel van de stad? Dit keer neemt Onbeperkt Oost ons mee naar het Tropenmuseum. Het valt mee. Aardige medewerkers, maar iemand in een rolstoel redt zich er niet altijd makkelijk.

De lente kondigt zich al een beetje aan als ik afspreek met Hajar en Els om het Tropenmuseum onder de loep te nemen. Het is eind maart en het Tropenmuseum heeft twee (tijdelijke) tentoonstellingen: Cool in Japan en Verlangen naar Mekka. We melden ons bij de kassa van het museum. Els vervoert zich meestal op een scootmobiel, maar daar mag in het museum niet in gereden worden. Dus moet ze een transfer maken naar een rolstoel.

Moderne lift

De medewerkers van het museum zijn allervriendelijkst. Ze helpen Els heel rustig in de andere stoel. Daarna moeten we de lift nemen van -1 waar de ingang is naar de begane grond. De lift is erg modern maar de architect heeft meer aandacht heeft gehad voor hoe de lift eruit ziet dan of deze functioneel is. Het komt erop neer dat Els en ik capriolen moeten uithalen om samen in de lift te komen. Hajar, die Els duwt, moet echt een paar keer steken om goed in de lift te komen. Uiteindelijk lukt het en gaan we naar boven.

Lage rolstoel

We beginnen met de voorstelling ‘Cool in Japan’. Eerst komt er een tijdlijn van animatie uit Japan. Japan staat al eeuwen bekend om zijn tekenkunst en sinds de tijd van de televisie is daar de tekenkunst van anime en manga bijgekomen. Zelfs Alfred J. Kwak van Herman van Veen is door Japanse tekenaars gemaakt en hoort bij de vorm anime. Er is een computerspel over animefiguren. Hajar en Els spelen het spel samen. Je moet op een stip staan voor het scherm en aangeven welk animefiguur het beste past bij vragen die de computer stelt. Els heeft Hajar’s hulp nodig, want de stoel is te laag. Daarna zie je welke keuzes andere bezoekers maakten. We gaan verder en komen bij speelautomaten die je in de jaren ‘80 en ‘90 tegenkwam in arcade-speelhallen. Ook typisch Japans.

Snelle deur

Wanneer we verder lopen komen we bij de tweede tentoonstelling ‘Verlangen naar Mekka’. Hier vertellen veel mensen op tv-schermen over de reis die ze gemaakt hebben naar Mekka, de hadj. Deze schermen staan ook te hoog voor iemand in een rolstoel. Verder zijn er van drie kanten filmbeelden van mensen die rond de Ka’aba lopen, het heiligdom in Mekka en het doel van de hadj. Er zijn ook nog prachtige oude tapijten. Uiteindelijk willen we nog een drankje in het café van het museum. Om daar te komen moeten we door een speciale deur. Bij de kassa hebben we een kaartje gekregen om door deze deur te gaan. Hajar scant de kaart. De deur gaat eventjes open, maar we hebben niet door dat je meteen de deur open moet trekken. Daardoor kun je de kaart niet nog een keer gebruiken, omdat ervan uit gegaan wordt dat je dan al door de deur gegaan bent. Uiteindelijk moeten we toch de hulp van een medewerker krijgen.

Staaf in toilet

Ik moest nog ongelofelijk naar de toilet maar dat wilde ik toch liever thuis doen. Dit komt ook omdat ik het invalidentoilet in Café De Tropen al ken. Het is moeilijk om in dit toilet te draaien en vooral de deur achter je dicht te doen als je in het toilet bent. Er zou aan de binnenkant van de deur een staaf geplaatst kunnen worden, zodat wanneer je binnen bent je de deur dicht kan trekken. Je komt namelijk niet bij de deurklink als je in een rolstoel zit. We deden nog één drankje en gingen daarna onze eigen weg. Het was nog een mooie zaterdag in maart.

Een sociale vrijwilliger met een groot hart

Kun je je even voorstellen?

Mijn naam is Coen Valenkamp. Ik ben bijna 81 jaar oud. Ik kom uit een socialistisch nest. Er hing bij ons een CPN-vlag. Van jongs af aan ben ik opgevoed met dat je op de wereld bent om andere mensen te helpen. Daarom doe ik de laatste jaren veel vrijwilligerswerk. Het begon bij het Open Hof 20 jaar geleden als chauffeur. Dit was een verzorgingshuis dat later op ging in de Zorg Gemeenschap Amsterdam Oost en het Flevohuis. Ook ben ik vrijwilligerswerk gaan doen voor de Ouderen Adviesraad en Dynamo.

Hoe ben je in aanraking gekomen met Onbeperkt Oost?

Via mijn vrijwilligerswerk bij de Ouderen Adviesraad kwam ik in aanraking met Els, Saskia en Tunny. Zij vertelden mij dat ze nog vrijwilligers zochten voor Onbeperkt Oost. Door het verschillende vrijwilligerswerk wat ik doe, onder andere als chauffeur, heb ik veel te maken met mensen met een beperking. Dus hierdoor heb ik ook enige kennis van wat belangrijk is voor de fysieke toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Dus wilde ik mij graag inzetten voor Onbeperkt Oost bij de werkgroep Toegankelijkheid.

Hoe word je ’s morgens wakker?

Ik heb al heel lang de gepensioneerde leeftijd gehaald. Dus ik doe ’s ochtends heel rustig aan. Met het luisteren naar de radio en ik maak verse jus. Behalve natuurlijk als ik ergens op tijd moet zijn voor mijn vrijwilligerswerk.

Wat geeft je energie?

Het werken voor en met mensen.

Waar kunnen ze je ’s nachts voor wakker maken?

Als iemand ’s nachts mijn hulp nodig heb sta ik klaar om te helpen.

Wat maakt je dag geslaagd?

Als een dag goed loopt en ik kan genieten van de radio. Klassiek en populair.

Wat maakt jouw dag minder geslaagd?

Soms zit er wel iets tegen, maar wij kunnen niet klagen. Ik kan bijvoorbeeld door omstandigheden niet meer goed tennissen.

Wat moet morgen veranderen?

We zouden allemaal wat socialer mogen zijn. Dat zie je onder andere aan het gedrag van mensen op straat. Fietsen onder andere zetten op blindengeleide lijnen. Dit kabinet toont zich ook niet echt sociaal. Dat zie je bijvoorbeeld door taken af te schuiven naar gemeenten. Dat noemen ze bij de overheid participeren.

Wie is de volgende die we moeten interviewen?

Ik ben we benieuwd wat Frits Wegenwijs op deze vragen beantwoord.

Een kademuur zou handig zijn ….

In het Cruquiusgebied ontstaat een hele nieuwe wijk. Niet alleen zullen zich hier bedrijfjes vestigen, maar er komen ook woonhuizen. Natuurlijk verkent de werkgroep Toegankelijkheid van Onbeperkt Oost ook hier de toegankelijkheid van de openbare ruimte en openbare gebouwen voor mensen met een beperking in Oost.

Achter het Flevohuis, voorbij de Harbour Club, is een gebied waar nog flink gebouwd wordt. Ondanks dat ik daar niet zo ver vandaan woon was het de eerste keer dat ik er was. Er is nog ontzettend veel ruimte. Dat kun je je niet voorstellen in Amsterdam. De weg liep maar door. Maar toen we op het eindpunt waren was het uitzicht hartstikke mooi. Je keek zo naar Zeeburgereiland. Daar staat nog een oud-koffiehuisje dat nu anti-kraak bewoond wordt. De bewoner vertelde dat dit huisje straks in zijn geheel verplaatst wordt. Dat lijkt mij een hele operatie. Hier is het nu een rommel, maar uiteindelijk moet het een weg worden met brede stoepen en alle ruimte.

Modieus wint

We nemen de weg terug wat meer weer naar de Harbour Club. Daar hebben al een aantal bedrijfjes hun intrede gemaakt. Ondanks dat om hen heen nog flink gebouwd wordt zien ze het blijkbaar niet als een probleem. Op deze locatie zie je ook de adviezen terug van de werkgroep. We staan aan de waterkant. Er zijn modieuze bankjes gemaakt zodat je rustig kan zitten kijken over het water. De leden van de werkgroep vertellen dat ze voor deze bankjes het advies hebben gegeven om de bankjes armleuningen te geven. Maar de bankjes hebben alleen maar een rugleuning. Modieus wint het van praktisch.

Struikelen

Daarnaast kun je vanaf de waterkant zo het water in lopen. Levensgevaarlijk voor kleine kinderen. Maar ook als je rolstoel van slag zou zijn kan die er zo inrijden. Een kademuur zou handig zijn. We lopen wat verder langs de waterkant. We komen bij een groot gebouw wat straks in gebruik wordt genomen door een bedrijf dat zich bezig houdt met pensioenen. In een nette rij liggen van die stenen in de vorm van partjes zodat auto’s niet verder rijden. Ik zie ze ook niet meteen en rijd eroverheen. Dror vertelt ook dat dit van die stenen zijn waar slechtzienden over struikelen.

Waardering

Het Cruquiusgebied is een groot project waar het advies van werkgroep Toegankelijkheid erg belangrijk was. Hoe de adviezen van de werkgroep werkelijk opgepakt worden, is pas terug te zien als ze echt klaar zijn met bouwen. Maar de werkgroep kan hier tevreden naar terugkijken. Op naar een nieuw succesvol jaar. We hebben er vertrouwen in dat het advies van Onbeperkt Oost weer gewaardeerd wordt en dat er wat mee gedaan wordt.

Werkgroep Toegankelijkheid

De werkgroep Toegankelijkheid geeft gevraagd en ongevraagd advies over de toegankelijkheid van de openbare ruimte en openbare gebouwen voor mensen met een beperking in Oost. Dit doen ze in samenwerking met stadsdeel Oost. Bij de plannen voor het Cruquiusgebied werd de werkgroep dan ook ingeschakeld door het stadsdeel. Ze kregen de bouwtekeningen te zien en gaven naar aanleiding van die tekeningen advies. Ze houden met dit advies rekening met de belangen van mensen met een beperking. Dat betekent dat belemmeringen verdwijnen en de voorzieningen toegankelijk, bruikbaar en bereikbaar zijn.

Penningmeester voor vrijheid voor iedereen

Kun je je even voorstellen?

Mijn naam is Hajar Echaikh en ik ben 31 jaar oud. Ik ben geboren en getogen in Amsterdam. Binnenkort hoop ik mijn studie bedrijfseconomie af te ronden. Eindelijk na jaren studeren afgestudeerd.

Hoe ben je in aanraking gekomen met Onbeperkt Oost?

Ruim acht jaar geleden was er een buurtinitiatief. We mochten als buurtbewoners een kijkje nemen in de keuken bij organisaties rondom het Timorplein. Zo ook Zeeburg Inclusief (de voorganger van Onbeperkt Oost voor het fuseren met GBOW). Zeeburg Inclusief zocht een penningmeester en aangezien ik net met mijn studie bedrijfseconomie was begonnen zag ik dat als ideale functie voor mij. Ik kon er ook wat aan hebben tijdens mijn studie. Daarnaast heeft mijn tweelingbroer ook een verstandelijke en lichamelijke beperking en voel ik mij daarom ook betrokken.

Hoe word je ’s morgens wakker?

Meestal word ik vrolijk wakker, maar soms heb ik ook een ochtendhumeur. Maar als ik weet dat er leuke activiteiten op het programma staan ben ik eigenlijk altijd vrolijk.

Wat geeft je energie?

Als ik bij iemand een glimlach op het gezicht kan geven. Ik wil altijd iemand vrolijk maken.

Waar kunnen ze je ’s nachts voor wakker maken?

Mij moet je ’s nachts laten slapen, anders ben ik de volgende dag ook niet vrolijk.

Wat maakt je dag geslaagd?

Als ik al mijn taken die ik mij ten doel heb gesteld op een dag heb afgerond. Ik kan heel gemakkelijk taken laten liggen, indien deze niet dringend zijn. ‘Dat doe ik de volgende dag wel.’ denk ik dan.

Wat maakt je dag minder geslaagd?

Als ik slecht nieuws heb gekregen. Taken niet afronden op een dag zie ik niet als een slechte dag.

Wat moet morgen veranderen?

Ik hoop dat er ooit een dag komt dat iedereen vrij is om te doen en laten wat hij of zij wil. Ongeacht je afkomst of waar je vandaan komt. Dat er geen beperkingen meer zijn voor mensen.

Wie is de volgende die moet worden geïnterviewd?

Ik zou graag willen weten wat Coen Valenkamp op deze vragen zou antwoorden.

Onbeperkt Oost test het Beukenplein

Dwars juni 2018

Op kroegentocht gaan is leuk. En moet dat ook zijn als je in een rolstoel zit of een visuele beperking hebt.
Daarom keurt Onbeperkt Oost deze zomer het Beukenplein

Nadat wij vorig najaar de horeca in
de Linnaeusstraat en Oostpoort ge- schouwd hebben op toegankelijkheid voor mensen met een beperking, is nu het Beukenplein aan de beurt. Wanneer ik thuis kom van mijn werk print ik nog even de punten uit waar wij op gaan letten tijdens het schouwen. Ik ben iets later dan de rest op het Beukenplein en ik ontdek dat ze niet bij Maxwell zitten waar wij hadden afgesproken. Het is een mooie zonnige avond waardoor er op het terras van Maxwell geen plek meer is. Mijn collega’s hebben daarom een plekje gevonden bij Mama Dough.

Leve de zomer

Het team dat vanavond gaat schouwen bestaat uit leden van werkgroep Communicatie & PR. Daarnaast is Dror Cohen Rapoport weer mee om ons op de hoogte te stellen van strubbelingen die mensen met visuele beperking op het Beukenplein ervaren. We besluiten eerst te gaan eten bij Mama Dough. Het is goed dat het mooi weer is, want het terras is zeker toegankelijk. Als wij nu binnen hadden moeten zitten was dat niet mogelijk geweest. Mama Dough heeft namelijk een veel te hoge drempel voor rolstoelen. Maar het personeel is wel erg sociaal toegankelijk. Toen ik vroeg of ze mijn pizza al voor wilde snijden was dat geen probleem.

Struikelen over baklava

Na het eten maakten wij een rondje om het Beukenplein. Wat al snel opvalt is dat de meeste tenten op het Beukenplein niet echt fysiek toegankelijk zijn. Bijna allemaal hebben ze een hartstikke hoge drempel en binnen blijken de tafeltjes en de stoelen dicht op elkaar te staan. Als je al met een rolstoel binnen zou kunnen komen is er weinig ruimte om je te verplaatsen. Net voordat we naar de andere kant van het Beukenplein willen oversteken, valt het Dror op dat een zaak in baklava zijn producten ruim heeft uitgestald en over de blindengeleidelijn. Dit betekent dat mensen met een visuele beperking zullen struikelen over de producten.

Galatrap

Als je de Linnaeusstraat vergelijkt met het Beukenplein valt op dat op het plein bijna geen platen liggen terwijl veel zaken op de Linnaeusstraat die wel hadden. De horeca op het Beukenplein is zeker nog niet op de hoogte dat je deze gratis kan verkrijgen bij het stadsdeelkantoor. Smokin’ Barrels blijkt van alle zaken op het Beukenplein wel het minst toegankelijk. Wanneer één van ons binnen kijkt, maakt hij een foto van een giga galatrap. Het is een trap die helemaal niet toegankelijk is. We lopen langs Eriks Delicatessen. Erik heeft zijn zaak net verbouwd, maar we kunnen niet naar binnen, omdat de zaak dicht is. Daarnaast heeft de zaak een ruime ingang met een moderne glazen deur die makkelijk te openen is. Eriks Delicatessen en het ernaast gelegen Mississippi Bar Kitchen zijn de enige zaken zonder drempel.

Positieve afsluiting

We sluiten onze avond af met een toetje bij Mississippi. De serveerster is allervriendelijkst. Ze had ons al rond het plein zien gaan en vroeg zich al af waar we mee bezig waren. Toen wij het uitlegden vond ze het super interessant. Mississippi is inderdaad erg ruim opgezet. Er is meer dan genoeg ruimte om je te verplaatsen met een rolstoel tussen de ene en de andere tafel. Wel jammer dat ook hier geen invalidentoilet is, maar dat hebben maar weinig tenten. Het enige wat nog restte was genieten van een super lekker toetje.

Foto: Nathalie Hennis.

De kwetsbare Amsterdammer en de nieuwe coalitie

Dwars april 2018

U weet nu welke partijen heb- ben gewonnen op 21 maart. Misschien is al duidelijk aan het worden welke coalitie de stad gaat besturen. Hoe gaat dat uitwerken voor de kwets- bare Amsterdammer? Wel- licht is het antwoord te vin- den in het verkiezingsdebat van Cliëntenbelang waar de politieke partijen hun zegje hierover deden.

Twaalf partijen waren vertegenwoordigd bij dit debat in Hotel Arena op 20 februari: PvdA, GroenLinks, D66, CDA, SP, 50Plus, de Ouderenpartij, VVD, PvdD, de Piraten Partij, Bij1 en Carryonthemove. Ze waren er op uitnodiging van Cliëntenbelang dat de belangen behartigt van chronische zieken en kwetsbare ouderen en mensen met een psychische, lichamelijke of verstandelijke beperking. Een greep uit de onderwerpen die op tafel kwamen bij het debat.

  • Hoe krijgen we mensen met een beperking aan een baan?
  • Hoe zorgen we ervoor dat de ouderen in onze stad niet eenzaam raken?
  • Hoe kan innovatie ervoor zorgen dat je in je eigen buurt kan blijven wonen?
  • Moet de gemeente meer luisteren naar 
cliënten en mantelzorgers bij het inkopen van zorg?

Het debat was georganiseerd als Lagerhuisdebat en werd geleid door journalist Kemal Rijken. Het debat had twee rondes met vier stellingen. In elke stelling gaven drie politieke partijen de standpunten van hun verkiezingsprogramma hierover weer. Daarna kon de zaal vragen stellen.

Stelling 1: De gemeente moet meer doen aan inclusie door systematisch meer mensen met een beperking aan te nemen.
Carolien de Heer van De PvdA vindt dat er een banenpact moet komen. Hierbij is het idee dat er 10.000 banen moeten komen, waarvan 2.000 gesubsidieerd. Maar de afgelopen jaren zijn er juist banen verdwenen en dit is ook onder het beleid van de PvdA gebeurd. Mascha ten Bruggencate van D66 gaf hierbij aan dat de gemeente zeker banen moet creëren, maar dat ook bedrijven moeten zien dat mensen met een beperking meer kunnen.
Matthijs Pontier van de Piraten Partij voegde hier nog aan toe dat het begint met toegankelijkheid. Mensen met een beperking moeten goed naar hun baan toe kunnen gaan. Sommige haltes in het openbaar vervoer zijn nog niet toegankelijk voor mensen met een beperking.

Zaal over wonen

Uit de zaal kwam de vraag of de partijen basisvoorwaarden om te kunnen gaan werken willen faciliteren. Dat zijn een toegankelijke openbare ruimte en gebouwen, maar ook goede zorg en wo- nen. Carroll Sastro van de politieke partij Carryonthemove die zich inzet voor mensen met een beperking, antwoordde dat hier de regels voor te vinden zijn in het VN-verdrag dat gaat over mensen met een beperking.
De PvdA wil voldoende woningen voor kwetsbaren. D66 is voor apart wonen, maar wel met hulp als dat nodig is. Dit wordt Kangoeroe-Wonen genoemd. Ouderen en hun kinderen wonen in één woning, maar ieder met een eigen gedeelte.

De Piraten Partij wil meer vrijheid om een eigen woonvorm te creëren en de SP wil meer toegankelijke woningen, woningen met zorg en activiteiten. Bij1 wil zich houden aan de regels van het VN-verdrag en leegstaande gebouwen gebruiken. Ook gehandicapten betrekken bij woningverbetering.
GroenLinks vindt dat de gemeente een voorbeeldfunctie heeft. Meer bouwen en meer sociale huurwoningen. 50Plus is het hier mee eens. Je moet niet kijken naar cijfers, maar naar mensen. Ook wijkverpleging in de buurt is belangrijk. De Partij voor de Dieren vindt dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig moeten kunnen wonen met goede zorg. De Partij voor de Ouderen vindt dat er geld moet komen voor vriendelijke stad voor ouderen (Age Friendly City). Ervoor zorgen dat er mensen zijn die helpen.

Stelling 2: De gemeente moet Amsterdammers altijd betrekken
bij de aanpak van eenzaamheid.
Een groot probleem in Amsterdam is dat er veel ouderen in eenzaamheid leven. Wil van Soest van de Partij voor de Ouderen geeft aan dat de gemeente moet helpen om mensen beter met elkaar
in contact te laten komen. Mario van Dregt van 50Plus is het daar mee eens, maar vindt ook dat de gemeente daarbij een regiefunctie heeft. De huisartsenposten hebben hier een belangrijke rol in. Die moeten eenzaamheid signaleren. Jacques Klok van het CDA was het hier niet mee eens. Volgens hem moeten we niet de verantwoording alleen bij de huisartsen neerleggen maar we moeten alle ouderen langs gaan ter preventie.

Stelling 3: De gemeente moet meer innovatieve oplossingen aanjagen zodat kwetsbare Amsterdammers in hun buurt kunnen blijven wonen.Innovatie bijvoorbeeld met hulprobots en zorg op afstand zou meer ingevoerd moeten worden zodat kwetsbare Amsterdammers in hun buurt kunnen blijven wonen. Rutger Groot Wassink van GroenLinks vroeg zich af of je werkelijk alleen innovatieve oplossingen nodig hebt om de mensen in hun buurt te laten blijven wonen. De buurt moet daar ook in meedoen.

Hannah Boogaard van de Partij van de Dieren benadrukte dat er de afgelopen jaren veel bezuinigd is op de zorg. Dat er meer ouderen op de spoedeisende hulp terecht komen. Innovatieve oplossingen kunnen daar een antwoord op zijn zoals hulprobots.

So Roustayar van Bij1 gaf aan dat er van onderop oplossingen hiervoor moeten komen. En dat er geen regels van bovenaf moeten zijn. Luister meer naar de oplossingen van de buurt.

Stelling 4: Het gemeentelijke zorginkoopbeleid moet verbeteren door ervaringen van cliënten en mantelzorgers leidend te laten zijn. Luisteren naar cliënten en mantelzorgers zorgt ervoor dat de gemeente de zorg beter kan inkopen. Dorienke de Grave van de VVD zegt dat de zorg snel geleverd moet worden en dat het van goede kwaliteit moet zijn. De cliënten zijn hierbij de beste personen om hier- over een oordeel te geven. Volgens Coby Groenendijk van de SP moeten cliënten en mantelzorgers helemaal bepalen hoe de zorg ingekocht moet worden door
de gemeente. Alleen is het de afgelopen jaren meer marktwerking gekomen, ook binnen de gemeente. Hierdoor wordt de kwaliteit van de zorg slechter. Carroll Sastro van Carryonthemove heeft het over voorbeelden uit de praktijk. Dat een cliënt een paar dagen in zijn eigen kots ligt voordat hij geholpen wordt en vijf weken moet wachten voordat zijn rolstoel gerepareerd is. Dat heeft niets te maken met marktwerking of niet. Alle partijen willen dit toch niet?

Inclusief Amsterdam?

Momenteel weten we de uitslag van de verkiezingen en zullen drie of vier partijen een coalitie gaan vormen in deze stad. Elke partij die daar aan meedoet zal water bij de wijn moeten doen. Ver- dwijnt hierdoor niet de aandacht voor de kwetsbaren in de stad na de verkie- zingen? Dat is de vraag. Niet vergeten mag worden dat het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een beperking twee jaar geleden is geratificeerd en aansluitend is ‘Het Manifest voor een Inclusief Amsterdam’ vorig jaar aan de gemeente aangeboden. Hierdoor hebben zij een stem gekregen, die in de beleidsplannen van de aanstaande coalitie door moet klinken.

Manifest ‘voor een inclusief Amsterdam’

Vorige week dinsdag, 3 oktober jl., was er de thema-avond ‘Stad zonder grenzen’ in Pakhuis De Zwijger. Tijdens deze thema-avond presenteerde onze secretaris Els de Ruiter het Manifest ‘voor een inclusief Amsterdam’. Met dit manifest in de hand willen we er samen voor zorgen dat we zo snel mogelijk voldoen aan de eisen van het VN-verdrag voor de rechten van mensen met een een beperking in de stad Amsterdam.

Ze overhandigde het manifest aan wethouder Eric van der Burg.